Modelspoorbaan: sporenplan (layout)


Inleiding | Sporenplan | Blokindeling | Layout Koploper | Gegevens wissel-schakelmodules | Gegevens sein-schakelmodules | Gegevens terugmeldmodules en treinbezetmelders | Speciale acties

Inleiding

Op deze pagina staat gedetailleerde informatie over de layout van mijn modelspoorbaan en de gebruikte digitale componenten. De artikelnummers van de gebruikte railstukken (Fleischmann Profirail) staan echter niet vermeld om het geheel overzichtelijk te houden.
Voor mij vormt deze pagina een deel van de documentatie van mijn modelbaan.
Anderen kunnen hier wellicht inspiratie op doen voor een eigen modelbaan.

 
 

Sporenplan

Dit is de layout van mijn modelspoorbaan.
De layout heb ik getekend met behulp van programma Winrail.
 
Klik op de layout om een groter plaatje op te halen.


 
 
 

Blokindeling

Nogmaals de layout van mijn modelspoorbaan. Ik heb hierin met kleuren en symbolen de blokken (zoals gebruikt in programma Koploper) en de met een bezetmelder uitgeruste railsecties weergegeven. Klik op de afbeelding voor een vergrote weergave.
 

 

Betekenis van kleuren en symbolen:
 
Zwarte cijfers: bloknummer (in programma Koploper).
Zwarte cirkeltjes: scheiding tussen blokken of tussen blok en wisselstraat. De cirkeltjes staan ook halverwege de blokken 3 en 4, maar worden daar niet gebruikt: ik wilde beide blokken gebruiken om 2 korte treinen te stallen of één lange trein, maar het is helaas in programma Koploper niet mogelijk om daarvan gebruik te maken wanneer alle treinen de blokken van beide zijden moeten kunnen inrijden.
Blokken met zwarte pijl: in deze blokken geldt éénrichtingsverkeer (in blokken 20, 21, 22, 23, 61 en 62), met één uitzondering: stoomtreinen in blok 20 mogen keren om naar blok 5 te rijden.
Rood: stopmelder in blok, aan het einde van een blok waar een trein moet stoppen, stopactie in programma Koploper. Ook, bij blokken die in beide richtingen bereden mogen worden: startblok wanneer de trein over deze melder het blok binnenrijdt, start remmen in Koploper.
Groen: startmelder in blok (normaal alleen in blokken met éénrichtingsverkeer of in opstelblokken met stookblok), start remmen in programma Koploper.
Paars: extra melder in blok, bedoeld als extra stopplaats om een korte trein op een alternatieve locatie te laten stoppen.
Lichtblauw: ongemeld deel van blok, geen melder, alleen detectiediodes.
Donkerblauw: ongemelde wisselstraat, geen melder, alleen detectiediodes.
Geel: extra melder in blok, wordt niet gebruikt in programma Koploper maar is alleen bedoeld om de overwegbeveiliging aan/uit te schakelen. In de blokken 26 en 27 worden ook de rood gekleurde railsecties met melder, grenzend aan de gele railsecties, gebruikt om de overwegbeveiliging te schakelen: de desbetreffende treinbezetmelders zijn uitgerust met 2 onafhankelijke optokoppelingen (één voor de overwegbeveiliging en één voor aansluiting op een terugmeldmodule).
Oranje: speciaal blok met slechts één melder. Korte blokken die zijn tussengevoegd vanwege beperkingen of het kunnen toepassen van speciale acties in programma Koploper.
- Blok 42. Lengte railsectie: ca. 20 cm (1 recht railstuk). Dit blok is alleen toegevoegd omdat Koploper niet in staat is om de blokken 26 en 27 aan beide zijden te koppelen met blok 43, met de voorwaarde dat alle genoemde blokken in beide richtingen bereden moeten kunnen worden. Het blok beslaat slechts 1 railstuk (20 cm) en er is ingesteld dat treinen nooit in dit blok mogen stoppen.
- Blok 50. Lengte railsectie ca. 30 cm. Tussenblok vanuit de 2 sporen (blokken 51 en 52) van de lijnwerkplaats. Bedoeld om een loc die heeft getankt bij het tankstation in blok 48 te laten keren om wagens op te halen in blok 47.  
Opmerking: normaal kan een wissel nooit deel uitmaken van een blok. In blok 26 is dat wel het geval en dat geeft hier nooit problemen omdat alleen zeer korte treinen opgesteld kunnen worden in blok 70.

 
 
 

Layout Koploper

Hieronder staat de complete layout van mijn baan zoals opgetekend in programma Koploper.
De werkelijke baan heeft een U-vorm maar ik heb bij het tekenen in Koploper de poten van de U omgeklapt om een compactere tekening te krijgen.
 
In de layout staan diverse gegevens vermeld:
- de Koploper-bloknummers (in de grijze blokken)
- de wisselnummers (groen). De wissels W1, W2, W18, W19, W21, W26 en W30 zijn overloopwissels. Hier zijn steeds 2 gekoppelde wissels (die altijd gelijktijdig van stand veranderen) op één uitgang van een schakelmodule aangesloten.
- de seinnummers (rood).
Seinen met één adres hebben de standen rood (afbuigend) en groen (doorgaand). Seinen met 2 adressen hebben 3 standen: rood (beide afbuigend), groen (het eerste adres doorgaand, het tweede adres afbuigend) en groen/geel (beide adressen doorgaand).
- de bezetmelders (zwart, 3 cijfers, de punt tussen het tweede en derde cijfer is weggelaten)
- O8 is een ontkoppelaar op adres 8
- R39 is een bistabiel relais op adres 39
 
Klik op de afbeelding voor een weergave op ware grootte.

 
 
 

Gegevens wissel-schakelmodules

Gebruikte modules: 6 stuks Lenz LS-100 (waarvan ik de RS-aansluitingen niet heb verbonden met de RS-bus waardoor de modules zich gedragen als LS-110 modules), 1 stuks Lenz LS110, 1 stuks Lenz LS-150, 1 stuks Roco 10775 (gemodificeerd) en 1 stuks S-DEC-4 van Littfinski  Daten Technik.
Daar waar mogelijk heb ik 2 wissels aangesloten op één module-aansluiting. Het betreft de overloopwissels (dat zijn wissels die altijd gelijktijdig van stand veranderen) W1, W2, W18, W19, W21, W26 en W30.

Wisselnummers Schakelmodule
W1 t/m W4 Lenz LS-100 (basisadres 1), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
Op zowel uitgang 1 als uitgang 2 van de schakelmodule zijn 2 wisselspoelen aangesloten (overloopwissel W1 en W2).
Uitgang 4 is niet aangesloten.
W5 t/m W7, O8 Lenz LS-100 (basisadres 5), op resp. de uitgangen  1 t/m 4. 
Op uitgang 4 (afbuigend) is de ontkoppelrail aangesloten. Deze uitgang van de schakelmodule staat overigens ingesteld op Puls 6 sec (alle andere uitgangen staan ingesteld op puls 100 millisec).
W9 t/m W12 Lenz LS-100 (basisadres 9), op resp. de uitgangen  1, 3, 2, 4.
W13 t/m W16 Lenz LS-100 (basisadres 13), op resp. de uitgangen  1, 3, 2, 4.
W17 t/m W20 Lenz LS-100 (basisadres 17), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
Op zowel uitgang 2 als uitgang 3 van de schakelmodule zijn 2 wisselspoelen aangesloten (overloopwissels W18 en W19).
Uitgang 1 is niet aangesloten.
W21 t/m W24 Lenz LS-100 (basisadres 21), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
Op uitgang 1 zijn 2 wisselspoelen aangesloten (overloopwissel W21).
W25 t/m W30 Lenz LS-150 (basisadres 25), op resp. de uitgangen  1 t/m 6.
Op zowel uitgang 2 als uitgang 6 van de schakelmodule zijn 2 wisselspoelen aangesloten (overloopwissels W26 en W30).
De uitgangen 4 en 5 zijn niet aangesloten.
W33, W35 en S34 Lenz LS-110 (basisadres 33). Op uitgang 1 en 3 is driewegwissel W33/W35 aangesloten. Op uitgang 2 is Armsein (met dubbelspoel-aandrijving) S34 aangesloten. Uitgang 4 wordt niet gebruikt.
W37 t/m W39, S40 Littfinski S-DEC-4 (basisadres 37), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
Op uitgang is Sein S40 aangesloten, dat is een Viessmann armsein met elektromagnetische aandrijving. Op uitgang 3 is een bistabiel relais aangesloten. Die zorgt ervoor dat de ontkoppelrail (op adres W8) alleen schakelt wanneer treinen via een vast dienstregeling rijden van Koploper blok 5 naar blok 6 of 7.
W61 t/m W68 Roco 10775 (basisadres 61), op resp. de uitgangen  1 t/m 8.
De uitgangen 4, 5 en 6 zijn niet aangesloten.

 
 
 

Gegevens sein-schakelmodules

Gebruikte modules: 7 stuks SA-DEC-4 van Littfinski  Daten Technik.
De beide armseinen zijn aangesloten op wisselmodules.

Seinnummers Schakelmodule
S34 Lenz LS110, uitgang 3. Dit is een wisselschakelmodule: S34 is een armsein met elektromagnetische aandrijving.
S40 Littfinski S-DEC-4, uitgang 4. Dit is een wisselschakelmodule: S40 is een armsein met elektromagnetische aandrijving.
S41, S42, S43, S44 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 41), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S45, S46, S47, S48 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 45), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S49, S50, S51, S52 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 49), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S53, S54, S55, S56 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 53), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S57, S58, S59, S60 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 57), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S69, S70, S71, S72 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 69), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.
S73, S74, S75, S76 Littfinski SA-DEC-4 (basisadres 73), op resp. de uitgangen  1 t/m 4.

 
 
 

Gegevens terugmeldmodules en treinbezetmelders

Gebruikte modules: 2 stuks Lenz LR-100 en 9 stuks Lenz LR-101.
Dat zijn in totaal 104 bezetmelders (die worden overigens niet allemaal gebruikt).

Nummer bezetmeldprint
en nummer bezetmelder
Koploper
bloknummer
Terugmeldmodule
1.1
1.2
1.3
1.4
1.5
1.6
61
4
3
2
--
62
Lenz LR-101 (adres 69.1)
Lenz LR-101 (adres 69.2)
Lenz LR-101 (adres 69.3)
Lenz LR-101 (adres 69.4)
Lenz LR-101 (adres 69.5)
Lenz LR-101 (adres 69.6)
2.1
2.2
2.3
2.4
2.5
2.6
2.7
2.8
4
3
2
21
4
2
--
1
Lenz LR-100 (adres 64.1)
Lenz LR-100 (adres 64.2)
Lenz LR-100 (adres 64.3)
Lenz LR-100 (adres 64.4)
Lenz LR-100 (adres 64.5)
Lenz LR-100 (adres 64.6)
Lenz LR-100 (adres 64.7)
Lenz LR-100 (adres 64.8)
3.1
3.2
45
48
Lenz LR-101 (adres 67.8)
Lenz LR-101 (adres 67.7)
4.1 (defect?)
4.2
4.2
4.4
4.5
4.6
--
23
29
28
22
--
Lenz LR-101 (adres 68.1)
Lenz LR-101 (adres 68.2)
Lenz LR-101 (adres 68.3)
Lenz LR-101 (adres 68.4)
Lenz LR-101 (adres 68.5)
--
5.1
5.2
5.3
5.4
5.5
5.6
41
40
41
40
147
48
Lenz LR-101 (adres 67.1)
Lenz LR-101 (adres 67.2)
Lenz LR-101 (adres 67.3)
Lenz LR-101 (adres 67.4)
Lenz LR-101 (adres 67.5)
Lenz LR-101 (adres 67.6)
6.1
6.2
6.3
6.4
6.5
6.6
--
44
47
46
44
46
--
Lenz LR-101 (adres 70.1)
Lenz LR-101 (adres 70.2)
Lenz LR-101 (adres 70.3)
Lenz LR-101 (adres 70.4)
Lenz LR-101 (adres 70.5)
7.1
7.2
7.3
7.4
7.5
7.6
7.7
7.8
4
3
2
1
62
22
20
23
Lenz LR-100 (adres 65.1)
Lenz LR-100 (adres 65.2)
Lenz LR-100 (adres 65.3)
Lenz LR-100 (adres 65.4)
Lenz LR-100 (adres 65.5)
Lenz LR-100 (adres 65.6)
Lenz LR-100 (adres 65.7)
Lenz LR-100 (adres 65.8)
8.1
8.2
8.3
8.4
8.5
8.6
29
28
29
45
52
43
Lenz LR-101 (adres 72.3)
Lenz LR-101 (adres 72.1)
Lenz LR-101 (adres 72.2)
Lenz LR-101 (adres 72.4)
Lenz LR-101 (adres 72.5)
Lenz LR-101 (adres 72.6)
9.1
9.2
9.3
9.4
9.5
9.6
9.7
9.8
27
24
24
25
26
24
(25)
42
Lenz LR-101 (adres 66.1)
Lenz LR-101 (adres 66.2)
Lenz LR-101 (adres 66.3)
Lenz LR-101 (adres 66.4)
Lenz LR-101 (adres 66.5)
Lenz LR-101 (adres 66.6)
Lenz LR-101 (adres 66.7)
Lenz LR-101 (adres 66.8)
10.1
10.2
10.3
10.4
10.5
10.6
51
43
(43)
--
25
24
Lenz LR-101 (adres 71.1)
Lenz LR-101 (adres 71.2)
Lenz LR-101 (adres 71.3)
--
Lenz LR-101 (adres 71.5)
Lenz LR-101 (adres 71.6)
11.1
11.2
11.3
11.4
43 (korte stop 75 cm)
43 (korte stop 25 cm)
52
51
Lenz LR-101 (adres 72.8)
Lenz LR-101 (adres 72.7)
Lenz LR-101 (adres 71.8)
Lenz LR-101 (adres 71.7)
12.1
12.2
12.3
14
14
14
Lenz LR-101 (adres 68.8)
Lenz LR-101 (adres 68.7)
Lenz LR-101 (adres 68.6)
13.1
13.2
13.3
26
--
27
Lenz LR-101 (adres 70.6)
Lenz LR-101 (adres 70.7)
Lenz LR-101 (adres 70.8)
14.1
14.2
21
20
Lenz LR-101 (adres 69.7)
Lenz LR-101 (adres 69.8)
15.1
15.2
15.3
15.4
15.5
15.6
15.7
15.8
15.9
15.10
15.11
15.12
15.13
15.14
15.15
15.16
--
--
--
--
70
70
71
71
30
31
30
31
47
146
144
50
Lenz LR-100 (adres 63.1)
Lenz LR-100 (adres 63.2)
Lenz LR-100 (adres 63.3)
Lenz LR-100 (adres 63.4)
Lenz LR-100 (adres 63.5)
Lenz LR-100 (adres 63.6)
Lenz LR-100 (adres 63.7)
Lenz LR-100 (adres 63.8)
Lenz LR-100 (adres 62.1)
Lenz LR-100 (adres 62.2)
Lenz LR-100 (adres 62.3)
Lenz LR-100 (adres 62.4)
Lenz LR-100 (adres 62.5)
Lenz LR-100 (adres 62.6)
Lenz LR-100 (adres 62.7)
Lenz LR-100 (adres 62.8)
16.1
16.2
16.3
16.4
16.5
--
32
5
32
(5)
--
--
Lenz LR-101 (adres 73.1)
Lenz LR-101 (adres 73.2)
Lenz LR-101 (adres 73.3)
Lenz LR-101 (adres 73.4)
Lenz LR-101 (adres 73.5)
Lenz LR-101 (adres 73.6)
17.1
17.2
17.3
17.4
17.5
17.6
17.7
17.8
7
6
6
7
(wisselstraat W37, W38)
1
--
5
Lenz LR-101 (adres 74.1)
Lenz LR-101 (adres 74.2)
Lenz LR-101 (adres 74.3)
Lenz LR-101 (adres 74.4)
Lenz LR-101 (adres 74.5)
Lenz LR-101 (adres 74.6)
Lenz LR-101 (adres 74.7)
Lenz LR-101 (adres 74.8)
18.1
18.2
60
60
Lenz LR-101 (adres 73.7)
Lenz LR-101 (adres 73.8)

Opmerkingen:
In totaal worden 18 treinbezetmeldprinten gebruikt (dit zijn allen zelfbouwprinten, met uitzondering van print 13: dat is een originele Lenz LB-100) met minimaal 2 en maximaal 16 opgebouwde bezetmelders.
De terugmeldmodules LR-101 met adressen 66, 73 en 74 veroorzaakten aanvankelijk veel problemen en zijn door Lenz gemodificeerd. De modules met adressen 67, 70 en 72 heb ik zelf gewijzigd (grotere elco op interne voeding).
Wissel W21 vormt de aansluiting tussen de oprit naar de opstelsporen en de hoofdbaan. Deze wissel ligt midden in Koploper-blok 26 en daarom is in beide linker rail-aansluitingen van de wissel dezelfde treinbezetmelder gebruikt (66.5). Aangezien er altijd maximaal 1 trein in een blok kan rijden, gaat dit altijd goed.
De meeste blokken zijn voorzien van 2 en sommige van meer melders.
Enkele extreem korte blokken zijn met slechts één melder uitgerust:
- Blok 42. Dit blok is alleen toegevoegd omdat Koploper niet in staat is om de blokken 26 en 27 aan beide zijden te koppelen met blok 43, met de voorwaarde dat alle genoemde blokken in beide richtingen bereden moeten kunnen worden. Het blok beslaat slechts 1 railstuk (20 cm) en er is ingesteld dat treinen nooit in dit blok mogen stoppen.

 
 
 

Speciale acties

Programmeerspoor
Het opstelspoor blok 32 kan ook gebruikt worden als programmeer-spoor om via de LENZ-centrale locdecoders te programmeren: na omzetten van een tuimelomschakelaar worden de beide railstaven losgekoppeld van de normale baanspanningsaansluitingen en verbonden met de programmeer-aansluitingen P en Q van de Lenz-centrale. Erg handig!
 
 
Automatisch ontkoppelen bij inrijden locloods
Voorziening voor locomotieven, die vanuit blok 5 de locloods inrijden (in blok 6 of 7), om aanhangende wagens af te koppelen.
(1) De ontkoppelrail is aangesloten op een Lenz schakeldecoder (W8 afbuigend) en de desbetreffende uitgang is geprogrammeerd op puls 6 sec (dit is de enige uitgang van alle Lenz schakeldecoders die zo staat geprogrammeerd; alle andere uitgangen staan op de fabrieksinstelling -puls 100 millisec-).
(2) In Koploper is bij "Speciale acties" ingesteld dat het ontkoppelrail wordt geactiveerd (stand: afbuigend, vertraging: 3 sec) wanneer bezetmelder 74.5 is geactiveerd. Deze bezetmelder wordt actief wanneer een loc blok 5 verlaat en op wissel W37 rijdt. De achterzijde van de loc is dan, afhankelijk van de lengte van de loc, nog enkele centimeters verwijderd van de ontkoppelrail.
De ontkoppelrail zal zo altijd worden geactiveerd wanneer een loc op wissel W37 rijdt, maar dit is niet gewenst: de wagens moeten alleen worden afgekoppeld wanneer een loc de locloods inrijdt (dus wanneer wissel W7 op rechtdoor staat ingesteld). In Koploper kunnen helaas geen extra voorwaarden voor de schakelactie worden ingesteld. Daarom is de volgende stap nodig:
(3) De spoel van de ontkoppelrail is niet direct op de desbetreffende schakeldecoder aangesloten, maar via een schakelcontact van een bistabiel relais die zelf is aangesloten op schakeldecoder R39 (in Koploper gekoppeld aan een schakelaar). De ontkoppelrail wordt zo alleen geactiveerd wanneer schakelaar R39 in de juiste stand staat.
(4) De vaste dienstregelingen die worden gebruikt om locs in de locloods (blokken 6 en 7) te rijden zetten schakelaar W32 alleen in de goede stand wanneer de locs de loods inrijden: alleen dan wordt de loc ontkoppeld van de rest van de trein. In de vaste dienstregeling is daartoe in vak "Diverse opties (bij geselecteerd blok)" ingesteld bij het voorlaatste blok "Schakelaar 39/Aan/Gestopt" en bij het bestemmingsblok "Schakelaar 39/Uit/Gestopt".


Website gertvanvoorst.nl - © Gert van Voorst - Gewijzigd op 6-1-2011.